GA NAAR:

Horizontale compartimentering

Horizontale compartimentering met beton volgens EN 1365-2 of EN 13381-5

Beton brandt niet. Traditionele betonconstructies hebben echter een ontgoochelende brandweerstand. Bij blootstelling aan een sterk ontwikkelde brand springt het beton af en geeft aanleiding tot zware herstellingskosten. Bovendien treden er in de betonplaten thermische vervormingen op die zeer snel aanleiding geven tot een vrij grote doorbuiging.

Bij betonnen vloeren is de ligging van de wapening kritiek voor de stabiliteit in geval van brand (R 60, R 90 of R 120). De dikte van het beton (en de eventuele onbrandbare afwerkingslagen) is dan weer bepalend voor de compartimenteringseis (EI 60, EI 90 of EI 120). De horizontale compartimentering gaat steeds gepaard met het criterium R. Wij spreken dan over betonnen vloeren met een brandweerstand REI 30, REI 60 of REI 90.

Brandbescherming van houten vloerconstructies volgens EN 1365-2 met PROMATECT®-H en PROMATECT®-100 tegen de balken, op een structuur of bovenop de vloer

Houten vloeren zijn scheidende elementen in de brandcompartimentering van het gebouw, maar hebben meestal ook een dragende functie. In de Europese terminologie worden ze dan ook geklasseerd als REI 30, REI 60 of REI 120. Ze komen vooral in renovatiewerken voor, maar ook nieuwe projecten worden op deze basis ontworpen.

In bijzondere gevallen kan men de brandweerstand tegen een brandaanval van onder naar boven ook bekomen door bovenop de bestaande houten vloer een PROMATECT®-H plaat aan te brengen of van bovenuit tussen de balken te werken. Hierdoor kunnen de onderliggende sierbalken of pleisterlaag behouden en zichtbaar blijven.

Brandbescherming van geprefabriceerde spanten of klassieke houten dakkappen volgens EN 1365-2 met PROMATECT®-100

ln bepaalde gevallen voorziet de reglementering dat de dakkap van een gebouw een specifieke brandweerstand moet hebben. De praktijk leert dat het aanbrengen van een brandwerende bekleding op een dakconstructie en het isoleren van een dak in feite twee zaken zijn, die gemakkelijk en zonder al te veel meerkosten kunnen verenigd worden. Wanneer men aan het volume van de dakkap verzaakt, kan men ook gebruik maken van een zelfstandig plafond, opgehangen onder de volledige dakstructuur.

Brandbescherming van geprofileerde plaatstalen daken volgens EN 1365-2 met PROMATECT®-100 of PROMASPRAY®-C450

Geprofileerde plaatstalen daken worden tegenwoordig algemeen gebruikt als bekleding van industriedaken. Hun geringe gewicht en grote overspanning zijn de voornaamste voordelen ten opzichte van de klassieke daken. Dergelijke daken zijn thermisch geïsoleerd (meestal met kunststofschuim of rotswol). Een afdichting met een bitumineuze afwerkingslaag zorgt verder voor de impermeabiliteit van het geheel. In geval van brand wordt de stabiliteit van een dergelijke dakstructuur bedreigd door de opwarming van de draagstructuur en de geprofileerde staalplaten. De bitumineuze dakhuid verhoogt bovendien het risico op brandvoortplanting via het dak naar de naburige gebouwen of naar andere delen van het gebouw zelf. Deze dakhuid zal ontvlammen, zodra ze een te hoge temperatuur bereikt of in contact komt met de oververhitte staalplaat. Als oplossing voor bovenvermeld probleem werd door Promat een brandproefprogramma uitgevoerd op een reeks industriële dakconstructies, waarbij twee zaken beoogd werden:

  • Het behoud van de stabiliteit van de dragende structuur van het dak.
  • Het bekomen van de brandweerstand van het dak zelf. 

Deze proeven werden uitgevoerd op belaste metalen daken, aan de onderzijde beschermd met een beplating in PROMATECT®-100. Een bescherming met de brandwerende spuitmortel PROMASPRAY®-C450 is eveneens mogelijk.

Vlamschermen in industriegebouwen volgens EN 13501-2 met PROMATECT®-100

De correcte oplossing om te verhinderen dat vlamoverslag van het ene industriële compartiment naar het andere optreedt, is een doorboring van het dak met de compartimentswand. De compartimentswand die doorgetrokken wordt doorheen het dak steekt hierbij 1 m boven het dak uit. In de praktijk, waarbij het vaak gaat om een verbouwing of bestemmingswijziging van het gebouw en waarbij bijlage 6 bij de basisnormen (KB van 1 maart 2009) als goede praktijk wordt aanzien, ligt het doorboren van het dak meestal niet zo voor de hand. Gebaseerd op bijlage 6 “industriegebouwen” kan er dan aan weerszijden van de wand over een horizontale afstand van ten minste 2 m een scherm worden aangebracht. Dit scherm zorgt ervoor dat de geïsoleerde horizontale stalen dakconstructie over een afstand van 2 m aan beide zijden van de compartimentswand een vlamdichtheid E 60 behaalt.


De meest gepaste toepassing voor horizontale compartimentering.